Nieuws

19-04-2010
Aliye Kavaf

In de Turkse krant RADIKAL stond een recensie van TUNA KİREMİTÇİ over De stomme zonde. Hij legde daarin een verband tussen een recente uitspraak van de Turkse minister Aliye Kavaf en een uitspraak van een van de personages uit De stomme zonde.

 

'During the days when Turkish State Minister Responsible for Women and Families Aliye Kavaf defined homosexuality as " a biological disorder", even "a disease" and some people supported her, I found an interesting book: the novel "Günah" by Anja Sicking, Dutch author born in 1965.

Literature is really an interesting branch of art: a novel you write about the past of your own country can fit the actuality of another country like a glove...

...

While I was reading the book, it seemed to me that Anna does not just work as a maid for De Malapert: She looks after him like a wife, a sister, or even a mother, but then we understand that it is an impossible love for someone because De Malapert is a gay man...

"I would have given almost anything to be able to speak to him, even now that I knew which outrages he had been accused of. It was a misplaced love, but no weaker for all of that."

Love for a gay man by a woman in emotional distress forms the backbone of the novel...

... I also need to say that Anja Sicking is a professional musician. When she writes the novel she benefits from her classical music education perfectly. She depicts De Malapert's melancholic world in such an elaborate detail that only a musician can do.

...

With its atmosphere and love of music, Sicking's novel reminds us a little Alain Courneau's film "Tous les matind du Monde". But it was adapted from the novel, wasn't it? The author told us about his sins he had committed when he was young just like the poor Anna confused with fear of God talking about her body...'

30-03-2010
Turkse vertaling
Turkse vertaling

Begin april verscheen de Turkse vertaling van De stomme zonde, bij uitgeverij Bizim Kitaplar.

 

Nurcan Ateş vertaalde het boek vanuit het Engels.

 

10-03-2010
Sint Vituscollege

 

In december bezocht ik het Sint Vituscollege in Bussum om daar met de leerlingen te spreken over de totstandkoming van De Tien wetten der verleiding. In deze roman speelt een groep scholieren de hoofdrol. Dit gesprek werd tijdens de lessen Nederlands voorbereid door Marieke Gouka en haar collega's. Op de dag zelf kregen de leerlingen de opdracht om zelf een korte scène te schrijven vanuit een wisselend perspectief, bijvoorbeeld dat van een leraar of een pudding. Hieronder staan drie van de teksten. De eerste is van Isabelle Neve, de tweede van Lotte Tesselaar en de derde van Anne Rein Bruininckx.

 

  

Als u belangstelling heeft voor dit lesprogramma, kunt u contact opnemen met Stichting Schrijvers School Samenleving.

 

Stichting Schrijvers School en Samenleving

Huddestraat 7, 1018 HB Amsterdam
Tel.no.: (020) 6 23 49 23 / Faxno.: (020) 4 20 63 19
info@sss.nl

 

 

 

Isabella Neve, H3C

Opdracht 1

Vandaag was net zoals alle andere werkdagen, maar op een één of andere manier week het toch ook af. Ik stapte uit mijn bed, licht in mijn hoofd en met buikpijn. Ik ontbeet alleen, zei de hond gedag met 'dag hond', stak mijn hand op voor een zwaai die tot mijn verbazing niet ontstond, en ging met het vreemde gevoel de deur uit op weg naar mijn werk. In de auto voelde het alsof ik bijna geen controle meer had over mijn stuur en leek het alsof ik zweefde. Ik maakte me eigenlijk geen zorgen, vandaag was mijn dag(je) gewoon niet. Dat had iedereen toch wel eens? Daarom had ik totaal geen zin in irritante leerlingen die niet naar mij luisterden en duidelijk hoorbaar over mij aan het roddelen waren. Bij de gedachte dat de leerlingen uit H5B een ongelofelijke hekel aan mij hadden, ontstond er een vieze brok in mijn keel. Ik greep nooit in als één van de leerlingen iets vervelends bij mij deed, maar ik zou vandaag niets anders kunnen doen dan de leerling een rode kaart geven en het zou me niets kunnen schelen als hij of zij daardoor geschorst zou worden.

Aangekomen op school voelde ik de ogen van de TC'ers in mijn rug branden. Ze keken me fel aan en draaiden met mij mee toen ik mijn tempo versnelde tot een joggingpas. Na een klein afstandje gerend te hebben, kwam ik bij in een opmerkelijk lekker zittende stoel naast het koffiezetapparaat in de docentenkamer. Ik keek op mijn horloge: 08.25 uur.  Ik had nog vijf minuten voordat het blokuur van klas H5B zou beginnen, en liep rustig naar het koffiezetapparaat om even een oppeppertje te drinken; dat had ik wel nodig. Binnen dertig seconden had ik het bakje koffie op en kwam ik tot de conclusie dat ik nog nooit zo erg genoten had van een simpel bakje koffie. Weer keek ik op mijn horloge: 08.27 uur. Het was tijd om naar mijn lokaal te lopen.

Gelukkig was het vreemde gevoel een beetje weggezakt in de tijd dat ik bijkwam, maar toen ik de leerlingen aan zag komen lopen begonnen mijn darmen zich weer met een onmenselijke snelheid samen te trekken. Waarom zou deze les anders zijn dan andere lessen? Elke les met hen was hetzelfde; ze maakten een kolere herrie en er vlogen altijd wel dingen door de lucht.

Ik opende de deur van het lokaal en liep met grote passen naar mijn bureau toe. Na mij volgden de leerlingen, die al pratend op hun plek gingen zitten. Ik schreef met een trillende de planning van deze twee lessen op het bord; huiswerkcontrole en bespreken, kennismaking met het nieuwe hoofdstuk en zelfstandig werken. Toen alle leerlingen na tien minuten eindelijk stil waren begon ik met mijn planning. Zoals verwacht had niemand zijn huiswerk gemaakt, dus huiswerk bespreken viel al af. Dat betekende dus een langere tijd voor zelfstandig werken. Nou ja, een langere tijd lopen klooien met de medeleerling dus. Ik begon toch met een poging 'uitleg'. Ik citeerde een paar regels over de goede scholing die ook in het buitenland geboren leden van onze samenleving tegenwoordig in Nederland kunnen krijgen. Ik begon te vertellen: 'Wat hun geestelijke ontwikkeling betreft hoeven zij nu dus niet meer op ons achter te blijven.' In mijn ooghoeken zag ik dat er iets werd doorgegeven van hand tot hand. Ik probeerde me daar niks van aan te trekken en concentreerde mij met een vertrokken gezicht op mijn artikel. In een fractie van een seconde voelde ik een puddingachtige suspensie recht op mijn voorhoofd vallen, die druipend naar beneden gleed. De leerlingen lachten en keken me met een rood aangelopen gezicht aan. Het liefst zou ik de klas nu verlaten, iets wat ik normaal gesproken nooit deed als een leerling iets bij mij flikte. Ik pakte kreunend zes tissues en haalde de drap, die later een kwee lapis bleek te zijn, van mijn voorhoofd en nam plaats achter mijn bureau. 'Wie heeft dit gedaan?' vroeg ik, al tamelijk gekalmeerd. Niemand antwoordde. 'Wie heeft dit gedaan?' vroeg ik nogmaals. Ik kreeg weer geen antwoord. Er ontstond een stilte. Voorzichtig zag ik in de hoek van het lokaal een vinger de lucht in gaan. Ik was blij verrast dat een leerling uit deze klas het al toegaf na twee keer vragen, maar toen ik beter naar de leerling keek zag ik dat Merel haar vinger hoog in de lucht had steken. Merel? Nee, dat kon niet waar zijn. Nooit heb ik klachten gehad over Merel, dus dit had ik niet van haar verwacht.

Ik voelde me er niet goed bij toen ik haar verzocht om het klaslokaal te verlaten met een rode kaart. Het gevoel veranderde in een schuldgevoel. Alsof ik de verkeerde beschuldigde...

 

Lotte Tesselaar, klas H3A

Opdracht 1

'Wat hun geestelijke ontwikkeling betreft, hoeven zij dus niet meer op ons achter te blijven' zei Sluiman luid en opgewekt door de klas. Hij werd opeens een beetje nerveus, dat had hij wel vaker de laatste tijd. Toch ging hij door met vertellen 'dus qua goede scholing in Nederland en in het buitenland kun.." toen werd hij opeens onderbroken. Er kwam een roze puddingachtige substantie op hem af, en voordat hij het wist pletste het tegen zijn hoofd aan. Sluiman moest even denken hoe hij moest reageren, zoiets had hij in zijn lang zal ze leven nog niet meegemaakt. Het was meteen stil in de klas. De tranen sprongen in zijn ogen en een adertje op zijn slaap begon te trekken. Nog nooit, nog helemaal nooit was dit gebeurd. 'Welke idioot denkt dat hij me dit kan maken?' riep Sluiman hard door de klas. Met zijn linkerhand veegde hij de derrie van zijn hoofd en smeerde het af aan zijn broek. Het kon hem nu niet meer schelen hoe hij eruitzag, hij moest gewoon weten wie dit gedaan had, hij zou diegene dan flink straffen. "HALLO!, ik wacht op antwoord! Diegene die dit op zijn geweten heeft kan zich meteen melden bij Temmingh." Sluiman stond nog steeds naast zijn bureau met de roze derrie op zijn hoofd en  broek. Hij voelde zich vernederd, geminacht en gekwetst. De TC'ers keken elkaar verbijsterd aan. Niemand had dit kunnen verwachten. Shit, dacht Sluiman Had ik niet anders kunnen reageren? Op therapie hadden ze al gezegd dat dit zou gaan gebeuren, ze wisten dat ik me niet in kon houden. Sluiman zag dat Merel haar hand op stook, maar zij kon het niet zijn geweest. Tijdens het lezen had hij extra op Merel gelet. Ze was vandaag al een beetje raar en nerveus, vanwege het nieuwe meisje, dacht hij. Toch bedacht hij zich. 'Merel, ga je maar melden bij Temmingh, en kom vanmiddag maar een uur bij mij na.' Hij voelde dat de roze derrie door zijn broek getrokken was en nu op zijn been plakte. De kwee lapis op zijn hoofd begon te trekken aan zijn huid, en ook op zijn hand begon het te trekken. Opeens, uit het niets, stond Sluiman op en liep het lokaal uit. Zodra hij op de gang stond barstte hij in huilen uit. Een groepje leerlingen dat op de gang stond keek hem vaag aan. Sluiman liep naar de lerarenkamer, pakte zijn jas, stapte in zijn auto, en reed weg.

 

Anne Rein Bruininckx, H3C

Opdracht 2: kwee lapis

Ik kom net uit de oven. Ik ben nog lekker warm. Ik ben echt met liefde gemaakt door de moeder van Edo. Wel jammer dat Edo mij gaat eten, maar ja, dat is nou eenmaal mijn plicht. Ik voel me helemaal prima, ik moet nu even genoeg zuurstof happen voordat ik die rot plasticzak in ga.

Au, au, ik word geplet door alle boeken van die Edo. Dit is nou echt niet chill, ik hoop dat het plasticzakje knapt, want ik begin nu toch wel heel benauwd te worden. Oh, het is eindelijk opgehouden. Waarschijnlijk zit Edo in de les. Wel jammer dat het plasticzakje niet kapot is gegaan. Oh, ik word gepakt, het plasticzakje gaat open, hè, hè, dat lucht op! Oh nee, wat gebeurt er nou? Nee, nee, niet gooien! Edo niet gooien...!

FLATZ.....

Die kut Edo gooit me tegen een leraar. Wat is dit? Hoe kan het (komen) dat die moeder zo liefdevol met me omgaat en dat hij, de zoon van die liefdevolle vrouw met haar genen in hem, me behandelt als een stuk stront.
Ja, nu zit ik vast aan dat lelijke hoofd, en druip ik naar beneden op zijn overhemd. Ik hoop dat ik erge vlekken maak op zijn shirt.

Oh god, wat gebeurt er nou? Ik word gewoon weggespoeld. Jongens, zo gaat het tegenwoordig. Je wordt gemaakt en weer weggegooid. Zo ziet het leven van een kwee lapis er jammer genoeg uit. Hè, bah, ik drijf nu tussen de tampons, toiletpapier, poep en plas.
Nu is het zo een moment dat ik toch liever opgegeten word.
Ik wil terug in de tijd, nog lekker in die warme over zitten en niet in deze rioleerbuis.  Ik wil gegeten worden door die warme dikke moeder van Edo, ik wil opnieuw gebakken worden of helemaal niet. Ik wil weg, ik wil hier niet zijn. Ik word dikker, ik zuig water op en ik zink.

 

 

 

 

 

 

 

27-11-2009
Interview in Den Haag Centraal

Interview door Floor de Booys

31-08-2009
Roman over een groep scholieren
Roman over een groep scholieren

De tien wetten der verleiding is verschenen. Kijk voor meer informatie onder 'Publicaties'.

 

bestellen