
Bureau Monumenten & Archeologie (bMA) van de gemeente Amsterdam
Achteraf gezien had ik die betrekking als dienstbode bij Monsieur De Malapert beter niet kunnen aanvaarden, dan was alles anders gelopen, gunstiger waarschijnlijk, en zat ik hier nu niet op deze kleine zolderkamer. Er hangt hier dezelfde geur als in de niet leeggeruimde klerenkast van een vrouw die lang geleden door Onze-Lieve-Heer is gehaald.
Het dak loopt schuin af. Ik kan alleen in het midden van de ruimte staan zonder mijn hoofd tegen het beschot te stoten en mijn muts te bevuilen. Er kleeft altijd stof aan het hout. Toch ben ik geen morsebel, slodderkous, assepoester of hoe ze die types ook noemen. Integendeel. Ik heb zelf een enorme hekel aan dat soort vrouwen. Rein van buiten, rein van binnen, zo denk ik erover. Maar hoe vaak ik ook met een doek langs het hout ga, het stof zit er steeds weer, net zoals de wandluis die keer op keer terugkomt.
Het regent en in plaats van direct te beginnen met het ordenen van de brieven, half volgeschreven dagboeken en andere papieren die me aan Monsieur De Malapert herinneren, heb ik eerst mijn spullen van de rechter- naar de linkerkant van mijn kamer verplaatst zodat die niet nat worden. Het dak lekt namelijk. Ik doe dat zo geruisloos mogelijk, anders klagen de mensen beneden, die zo goed waren mij in huis te nemen. Het ordenen van al de papieren die ik in de dekenkist bewaar is een heel werkje en het zal wel even duren voordat ik ermee klaar ben, temeer omdat ik tegelijk ook de geschiedenis van Monsieur De Malapert en mijzelf wil opschrijven, in de hoop dat ik alles zo definitief een plaats kan geven en ik niet mijn verdere leven word achtervolgd door hersenschimmen en schuldgevoelens.
Destijds vond ik zijn aanbod zo aanlokkelijk dat ik me geen moment bedacht. Ik maakte kennis met hem in mei 1729, inmiddels al weer bijna twaalf jaar geleden, al lijkt het veel korter. Ik denk nog dagelijks terug aan onze eerste ontmoeting. Sinds ik bij hem weg ben is er niets noemenswaardigs meer in mijn leven gebeurd. Ik had goede redenen om op zijn aanbod in te gaan en handelde niet onbezonnen. Ik liet mij toch al zelden meeslepen door invallen, sterke emoties of verliefdheden, zoals andere mensen soms wel doen. Ik ben een nuchtere vrouw, die altijd in de eerste plaats naar de feiten kijkt. Nu ik alles opschrijf probeer ik dat ook te doen. Spreken over wat er is gebeurd, kan ik nog steeds niet.